| |
Agenda-tip |
| |
MRT |
Utrecht
Workshop: Incoterms 2000
Uit een enquête van Fenedex blijkt dat exporteurs de keuze voor een Incoterm vaak op oude gewoontes baseren en niet op een zorgvuldige afweging. Vaak ontbreekt hier ook de kennis voor. Meer kennis betekent niet alleen een betere relatie met uw klant maar vooral ook minder kans op problemen.
Meer info
17/3 - Utrecht
23/6 - Apeldoorn
|
| |
17
|
| |
|
|
Transportdocumenten, hun doel, hun
waarde en hun karakteristieken
Het vervoer over zee geschiedt op basis
van een connossement (in het engels: Bill of Lading afgekort
B/L.). Dit document toont aan dat de vervoerder (rederij) de goederen
in ontvangst genomen heeft voor transport naar een aangewezen
haven van bestemming om deze aldaar af te leveren aan de aangewezen
ontvanger. Het is de schriftelijke weerlegging van de
vervoersovereenkomst. Verder vertegenwoordigt het connossement
de goederen en heeft de betekenis van een waardepapier. Het is
verhandelbaar, wanneer het aan order of toonder is. In het
connossement staat dus vermeld dat bepaalde goederen in
ontvangst zijn genomen voor vervoer.
Er zijn nogal wat soorten
connossementen; hier volgt een opsomming met de belangrijkste
karakteristieken.
- Connossement op naam (ook wel recta
of straight connossement genoemd). Dit connossement voorziet in de
aflevering van de goederen die er op vervoerd zijn aan een met name
genoemde persoon. Zoals alle andere connossementen is het:
a. de transportovereenkomstprincipaal
(ex-importeur of expediteur) als ladingbelanghebbende versus
vervoerder (rederij/cargadoor)
b. ontvangstbewijs voor de te vervoeren
goederen
c. indirecte begeleiding van de goederen
d.w.z. via het scheepsmanifest
d. waardepapier ("document of
title")m.a.w. het vertegenwoordigt de goederen weliswaar
e. maar is, gezien het naam-karakter
niet verhandelbaar en
f. slechts overdraagbaar via een (dure)
acte van sessie.
- Connossement aan order Dit connossement voorziet in de
aflevering van de goederen die er op vervoerd zijn aan:
a. de order van een daartoe aangewezen
persoon of
b. zijn order of rechtverkrijgende(n) of
c. eenvoudigweg aan order of
rechtverkrijgende(n).
De overdracht van eigendom vindt plaats
via endossement (het connossement wordt aan de voorzijde (zijde met
kleine lettertjes) van een handtekening voorzien door degene die de
eigendom overdraagt.
Karakteristieken
Gelijk aan het naamconnossement met de
belangrijke aanvulling dat dit connossement wèl
overdraagbaar dus verhandelbaar is.
- Connossement aan toonder Dit connossement maakt aflevering aan
de toonder, wie het ook zijn moge, mogelijk. Het is een
orderconnossement wat blanco geëndosseerd is.
- Multi modal transport Bill of Lading Kan één van de drie
eerder genoemde zijn maar dit connossement dekt het vervoer met
meerdere transportmodaliteiten. Bijna alle container rederijen
gebruiken standaard het Multi modaal transport B/L.
- Sea-waybill, Waybill of Express Cargo
Bill (ECB) Een alternatief voor het connossement
maar niet verhandelbaar, m.a.w. het vertegenwoordigt de goederen
niet. Het heeft dus veel weg van bijvoorbeeld een CMR. Het gebruik van sea-waybills neemt
enorm toe. Niet alleen voor het "short-sea" verkeer, maar
ook op de maritieme routes.
- "Received for Shipment"
Connossement Dit connossement is weliswaar "echt"
te noemen maar heeft één groot nadeel. Het vertelt
namelijk dat de goederen slechts "ter verscheping werden
ontvangen" en dat is bijvoorbeeld voor een accreditief
onacceptabel.
- "Shipped (on board)"
connossement Ook een echt connossement uiteraard,
maar niet alleen dat. Het "shipped on board" is datgene wat
het accreditief wél juist vindt. Dit houdt in dat de goederen
aan boord ontvangen zijn en is zodoende ook een “ocean” of
“marine” B/L geworden.
- Binnenvaart connossement
(Rijnconnossement) Zoals de naam al zegt in gebruik bij de
binnenvaart. Het bestaan ervan houdt zeker niet in dat de
charterpartij hiermee vervallen is. De laatste jaren worden er steeds
grotere hoeveelheden containers over de binnenwateren vervoerd.
Hiervoor worden meestal geen connossementen meer afgegeven. De
gespecialiseerde rederijen hebben allen hun eigen condities welke op
verzoek kunnen worden aangevraagd.
Bij grensoverschrijdend transport wordt
het CMR document gebruikt. De 'Convention Relative au Contrat
de Transport Internationale de Marchandise par Route' bepaalt de
regelgeving wat betreft het internationale wegtransport. In
geval van schade dient men erop attent te zijn dat er belangrijke
verschillen zijn tussen de AVC en de CMR condities, met name met
betrekking tot de verjaringstermijn en de hoogte van de maximale
aansprakelijkheid.
Vanwege verregaande automatisering
wordt bij binnenlands transport regelmatig van het CMR document
gebruik gemaakt. Men dient er dan echter op te letten dat op de CMR
verwezen wordt naar de AVC condities.
Karakteristieken
a. Begeleiding van de goederen. Goederen
dienen voor allerlei doeleinden (denk bijv. aan controle onderweg) via de op de
CMR-vrachtbrief vermelde gegevens herkenbaar, identificeerbaar en
traceerbaar te zijn.
b. Het is tevens de vervoerovereenkomst
waarbij het vanzelf spreekt dat de verplichtingen en
verantwoordelijkheden van de vervoerder(s), de afzender en de
geadresseerde grotendeels en in detail in het CMR-verdrag zijn
vastgelegd.
c. Hoewel de vervoerder in bijna alle
gevallen een gespecificeerde vrachtnota naar de partij stuurt die
verantwoordelijk is voor de vrachtkosten, is er in de CMR-vrachtbrief
een rubriek waarin de vracht- en bijkomende kosten vermeld kunnen
worden.
d. Het is een reçu; met andere
woorden er wordt voor ontvangst getekend.
e. et is een niet-verhandelbaar document;
met andere woorden het is geen waardepapier dat de goederen
vertegenwoordigt. De houder van de CMR-vrachtbrief is daarmee dus
niet automatisch de eigenaar van de op de vrachtbrief vermelde
goederen.
Het vervoersdocument bij internationaal
railtransport is de internationale spoorwegvrachtbrief
CIM (Convention Internationale concernant le Transport des
Marchandises par Chemins de Fer).
Karakteristieken
a. Begeleiding van de goederen. Ook hier
geldt dat de goederen met al hun gegevens zoals gewicht, afmetingen,
stuks, merken enz. herkenbaar moeten zijn. Een soort
'paspoort'-functie dus.
b. De CIM-vrachtbrief vormt de basis voor
het sluiten van de vervoersovereenkomst en verwijst t.a.v. de uit
deze overeenkomst voortvloeiende verplichtingen naar bovengenoemde
conventie.
c. Er is veel ruimte gelaten voor de
vrachtberekening hetgeen nodig is vooral voor de internationale
trajecten. Er is een deskundige nodig om de ingewikkeldheid van de
spoorvervoer vrachtberekening te kunnen volgen. Dit houdt wellicht
mede de spoorweg-expediteurs in leven.
d.Het is, vergelijk de CMR, ook een
ontvangstbewijs.
e. Het is, evenals de CMR-vrachtbrief, een
niet-verhandelbaar document.
Het kan dienen als douanedocument T,
indien de omstandigheden waaronder het vervoer plaatsvindt dit
wenselijk maken. Overleg tussen de douane, de spoorwegen en de
verkoper (of zijn expediteur) en koper is dan gewenst.
Het vervoersdocument bij internationaal
luchtvrachtverkeer is de Air Waybill (A.W.B.).
Karakteristieken
a. Begeleiding van de goederen om intussen
bekende redenen. T.a.v. dit soort vervoer wordt nog eens speciaal
gewezen op de traceerbaarheid van de goederen. Vooral bij verre
bestemmingen, de eis tot snelheid en het moeten overladen is
volledigheid t.a.v. de goederenomschrijving en het merken van de
colli een eerste vereiste.
b. Het is ook het bewijs voor de afzender
dat de luchtvaartmaatschappij erkent de in de A.W.B. omschreven
zending ten vervoer heeft aangenomen.
c. Bovendien is de A.W.B. het bewijs van
de vervoersovereenkomst, alle partijen (vervoerder, ontvanger en
afzender) ontvangen een exemplaar.
d. Het is de basis voor de te berekenen
luchtvracht en de verrekening daarvan.
e.De A.W.B. kan tevens bewijs van
verzekering zijn, indien de zending 'op vrachtbrief verzekerd' is
tegen transportrisico.
f. Eventueel vergezeld van aanvullende
documenten is de A.W.B. het basisdocument voor douane-technische
handelingen.
g. Het is een niet-verhandelbaar document,
dus ook hier geldt dat het de goederen niet vertegenwoordigt.
Een bijzondere eigenschap van een
A.W.B. is dat de shipper (afzender) het beschikkingsrecht houdt
over zijn goederen zolang deze onderweg zijn. Hij zou dus desgewenst
de bestemming kunnen wijzigen - ze laten terugkomen bijv. zodra de
goederen gelost zijn in de luchthaven van bestemming vervalt dit
recht.
FIATA-expediteurs hanteren de volgende transportdocumenten:
Fiata Multimodal Transport Bill of Lading (FBL)
De FBL voorziet
in een duidelijke behoefte bij handel en industrie. Het stelt de
expediteur in staat voor 'door to door' transporten aan de klant
slechts één document af te geven. De FBL is officieel
erkend door de UNCTAD en de Internationale Kamer van Koophandel
(ICC). Met de afgifte van dit document aanvaardt de expediteur een
vervoerdersaansprakelijkheid. De FBL is ook als maritiem
connossement te gebruiken. De FBL is verhandelbaar, tenzij
nadrukkelijk als 'niet-verhandelbaar' aangeduid.
Fiata Forwarders Certificate of Transport (FCT)
Met de afgifte
van een FCT aan de verlader neemt de expediteur de verplichting op
zich, de goederen af te laten leveren op de plaats van bestemming.
Hij is daarmee aansprakelijk voor het afleveren van de zending aan de
houder van het FCT. Het FCT heeft een blokkeringsfunctie, die inhoudt
dat de expediteur de goederen uitsluitend en onherroepelijk aflevert
aan de houder van en tegen overgave van het FCT. Het FCT is een
verhandelbaar document, tenzij het uitdrukkelijk als 'niet
verhandelbaar' aangemerkt is.
Fiata Forwarders Certificate of Receipt (FCR)
Door het uitmaken
van een FCR verklaart de expediteur een bepaalde - in het document
omschreven - zending in ontvangst te hebben genomen, met de
onherroepelijke opdracht, deze aan de in het document genoemde
ontvanger te verzenden of voor deze ter beschikking te houden. Het
FCR is een niet-verhandelbaar document.
Fiata Shipper's Declaration for the Transport of dangerous goods
(SDT)
Met dit document - als verladersdocument aan te merken - kan
de opdrachtgever de expediteur de noodzakelijke gegevens verstrekken
voor het verzenden van gevaarlijke goederen. Door ondertekening neemt
de opdrachtgever tevens de verantwoordelijkheid op zich voor de in de
SDT vermelde gegevens. De SDT stelt de expediteur in staat aan de
wettelijke bepalingen voor het vervoer van gevaarlijke stoffen te
voldoen.
Fiata Warehouse Receipt (FWR)
De FWR is een verhandelbaar
document. Het FWR heeft een belangrijke functie voor de
opslagactiviteiten van de expediteurs. Met dit document beschikt de
opdrachtgever over een uniform opslagbewijs.
Nuttige links
Bill of Lading
http://www.kvk.nl/artikel/artikel.asp?artikelID=419§ieID=3
Voorbeeld Bill of Lading
http://assets.kvk.nl/assets/Landelijk/productassets/import-export/kvkbilloflading.gif
The Hague-Visby Rules
http://www.jus.uio.no/lm/sea.carriage.hague.visby.rules.1968/doc.html
B/L Application-Instructions
http://www.export911.com/e911/ship/docBLAI.htm#docBLAI
Voorbeeld Air
Waybill
http://assets.kvk.nl/assets/Landelijk/productassets/import-export/kvkairwaybill.gif
How to fill in an Air Waybill
http://www.dhl.co.zw/using/awb.html
Air Waybills
http://www.export911.com/e911/ship/docAWB.htm
Types of Air Waybills
http://www.export911.com/e911/ship/waybill.htm
Fenedexpress
Hieronder vindt u het laatste artikel uit Fenedexpress over 'Transportdocumenten'
Exportvragen
Wel of geen transhipment?
Wij hebben een L/C geopend voor
een klant in Algerije waarbij transhipment niet is toegestaan. De
zending staat klaar voor vertrek en de vervoerder komt nu met het
bericht dat de container eerst vanuit Rotterdam naar Antwerpen met
een boot wordt verscheept en daarna op een andere containerschip
wordt geladen. De vervoerder ziet dit niet als transhipment, omdat
het in beide gevallen niet om een ocean vessel gaat. Maar wat houdt
transhipment dan nu in? Mogen wij dus wel via Antwerpen de goederen
verschepen?
Volgens UCP600
betekend overlading het uitladen uit het ene vervoermiddel en het
opnieuw laden in een ander vervoermiddel (dat al of niet in een
andere vervoerswijze wordt gebruikt)
gedurende het vervoer van de plaats van verzending, 'taking in
charge' of verscheping naar de plaats van 'final destination' die het
krediet vermeldt.
Maar wat de vervoerder zegt klopt ook, in de
transportsector hoeft deze transactie niet als overlading worden
gezien.
Alleen is deze
zending onderhevig aan de condities van het LC, welke dus betekent
dat het wel als overlading wordt gezien.
Voor een advies
hoe hier mee om te gaan hebben wij Elceco benaderd. Deze situatie
komt vaker voor bij bedrijven en is op te lossen door met de
vervoerder te bespreken of het mogelijk is dat zij in de BL alleen de
plaatsen aanhouden die in het L/C worden vermeld bij de 'port of
loading' en 'port of discharge'. Verder is het ook van belang om 1
bootnaam op te geven, namelijk die van de laatste vaart. Daarnaast
mag er op geen enkel document worden vermeld dat er met 2
voyage-nummers wordt verscheept.
Het
is echter raadzaam het LC te amenderen om problemen te voorkomen.
Hierrmee heeft men de zekerheid dat het goed volgens de condities
verloopt. Men moet wel van te voren nagaan om wat voor soort goederen
het gaat en of er in het land van de klant niet wettelijk is bepaald
dat transhipment niet is toegestaan en ga ook na hoe de klant er
tegenaan kijkt.
Canada registratie
Sinds
enige tijd exporteren wij goederen naar Toronto Canada en leveren op
basis van DDP. Nu blijkt het zo te zijn dat als wij de goederen
importeren (wij betalen immers de invoerrechten bij DDP) wij ook
GST/HST (General Sales Tax/ Harmonized Sales Tax- plichtig zijn. Dit
bedrag zit niet in de DDP-kosten en willen wij dit doorbelasten aan
onze klant.
Het blijkt nu dat wij een Business Number moeten
hebben in Canada vanwege de GST-betaling. Kunt u ons laten weten of
dit zonder problemen kan, krijgen we later geen onverwachte kosten
gepresenteerd omdat wij een business number hebben
aangevraagd?
Wanneer wij de GST betalen, kan onze klant in Canada
deze dan terugvorderen?
Een
lid dat ook ervaring heeft op dit gebied heeft hierop gereageerd:
"Hierbij
kan worden bevestigd dat men 5% GST alleen op de factuur mag opnemen
indien men voor de GST staat geregistreerd en het Business Number
wordt vermeld. In dit geval kan de klant de GST (General Sales TAX)
terugvorderen.
Tevens is het zo dat men een garantie moet
stellen (of een vooruitbetaling) van 50% van de geschatte "net tax"
met een minimum van CAD 5,000. " As a non-resident registrant of
the goods and services tax/harmonized sales tax (GST/HST) without a
permanent establishment in Canada, you have to provide a security to
the Canada Revenue Agency. They will maintain this security according
to standard administrative practices and procedures."
Afhankelijk
van de omzet moet men per kwartaal of maandelijks aangifte doen via
een formulier of internet (afhankelijk van het bedrag): " Goods and
services tax / harmonized sales tax (GST/HST) return for
registrants". Betaling (uitsluitend per cheque) moet uiterlijk op
de laatste dag binnen zijn, daar men anders meteen rente in rekening
brengt. In het geval men GST terugkrijgt wordt eveneens een cheque
uitgemaakt.
Alle correspondentie loopt per post (dus geen
e-mail) met de nodige vertraging.
De website waar meer
informatie is te lezen: http://www.cra-arc.gc.ca/menu-e.html."
Wie is verantwoordelijk voor de
extra kosten bij wachturen?
Wij hebben met onze klant in
Polen afgesproken dat er geleverd
wordt volgens de Incoterms 2000 FCA. Wij zorgen ervoor dat de
goederen op ons terrein geladen worden op een vrachtwagen van de door
de klant ingeschakelde vervoerder. Bij een volle lading kost het ons
zeker 3 tot 4 uur om de vrachtwagen goed te laden. Nu heeft de klant
ons laten weten dat de vervoerder in zijn prijsopgave 2 uur gratis
laden opneemt en dat er daarna wachturen in rekening worden gebracht
voor de extra tijd die gemoeid is met het laden. Deze kosten probeert
de klant nu te verhalen op ons. Is hierover iets geregeld in de
Incoterms?
Het komt wel vaker voor dat de vervoerder een maximale laadtijd
opgeeft en daarna een wachturen in rekening brengt. Dit wordt gedaan
om te voorkomen dat er onnodig veel tijd verloren gaat bij het laden
en/of lossen. Omdat de koper bij FCA leveringen een
transportovereenkomst heeft met een vervoerder, moeten deze kosten
aan de koper in rekening worden gebracht. In de Incoterms en het
CMR-verdrag is ten aanzien van laadtijd/wachturen in principe niets
bepaald, dus juridisch gezien kan de koper deze extra kosten dan ook
niet zomaar doorberekenen aan de verkoper.
Om dergelijke problemen in de toekomst te voorkomen kan de verkoper
het beste vooraf bevestigen aan de koper hoeveel tijd het laden in
beslag gaat nemen, zodat er apart overeengekomen kan worden wie deze
extra kosten betaalt.
Nieuwe betalingswetgeving in
Algerije
Wij hebben te horen gekregen dat
Algerije alleen maar transacties afwikkelt die middels een
documentair krediet zijn afgesloten. Van de Banque Nationale d'
Algiers hebben wij te horen gekregen dat deze procedure met ingang
van 31 juli in werking treedt.
Wij hebben met de klant
afgesproken dat de betaling middels een bankwissel van 60 dagen
geschiedt . Oorspronkelijk zou de zending op 29 juli worden
verscheept op basis van CFR Oran. Maar door vertraging in
werkzaamheden bij de vertrekhaven is de zending op 6 augustus
vertrokken met dezelfde dag als BL-datum. Op de factuur staat wel de
datum 29 juli vermeld, omdat de zending initieel op die dag zou
worden verscheept.
Nu weigert de bank in Algerije de
documenten en kan de betaling en inklaring van de goederen niet
plaatsvinden.
Kunnen jullie er achterkomen of deze
berichtgeving klopt en wat wij kunnen doen om alsnog de betaling te
kunnen ontvangen?
Wij
hebben de landenmedewerker van Algerije bij de EVD benaderd en zij
geven aan dat met ingang van 26 juli jl. alle importtransacties naar
Algerije verzonden moeten worden met een L/C. 26 juli is de datum
waarop de loi de finances complémentair 2009 is gepubliceerd.
Later heeft het ministerie van Financiën een instructie
uitgestuurd naar de douane dat zendingen die 'geïnitieerd zijn
voor 4 augustus' dienen te worden doorgelaten door de douane. Deze
zin is voor verschillende interpretaties vatbaar. Want wanneer is een
zending geïnitieerd? Dat is eigenlijk een vraag waar men geen
eenduidig antwoord op kan geven.
Het
is ook afhankelijk van de sector waar uw klant werkzaam is, want in
de olie- en gassector schijnt de nieuwe wetgeving toch niet van
toepassing te zijn, maar dat is nergens vastgelegd.
Er kan
contact worden opgenomen met de ambassade in Algiers, maar momenteel
zal de ambassade ook niet veel meer kunnen doen dan informatie
verstrekken over wat nu bekend is. Contactpersoon is mw. Barry
Nieuwenhuijs: alg-ea@minbuza.nl .
U
kunt de PDF met de officiële Franse tekst van artikel 69
downloaden via:
http://www.premier-ministre.gov.dz/media/PDF/lfc2009.pdf
Wellicht
kan men de instructie van de douane en een kopie van de
orderbevestiging meesturen naar de Algerijnse bank om hen daarmee te
overtuigen om alsnog tot betaling over te gaan.
Ook
gevraagd...
Het
is voor het Kennis- en Adviescentrum onmogelijk om alle gestelde
vragen te publiceren. Maar voor een verdere indruk van het type
vragen:
-
Wij
zijn op zoek naar informatie m.b.t. de belastingwetgeving in de
EU-landen, oftewel welke belasting betaalt
de importeur en hoe
wordt het precies administratief verwerkt. Weet Fenedex waar wij aan
deze informatie kunnen komen?
-
Wij
zijn op zoek naar agenten in Noord-Frankrijk, Zuid-Korea, Midden
Oosten en Japan. Het moet een bedrijf zijn met goede contacten bij
de staalfabrikanten, niet van eindproducten (verspaners), maar echt
gericht op de primaire vorm, ijzererts. Hebben jullie ingangen
binnen het Fenedex-netwerk?
-
Wij
willen een Fransman aanstellen om als vertegenwoordiger lokaal de
Franse markt te gaan bewerken. Kunnen wij via jullie in contact met
andere bedrijven komen die ook met een vertegenwoordiger werken?